Schaamte (2)

Vorige week schreef ik een blogbericht over schaamte. http://www.maydcoaching.nl/wordpress/?p=528

Ik heb veel reacties op dit bericht gekregen.

Eén die er voor mij uitsprong was een mail van een moeder van 2 dochters.

Haar oudste dochter (13) maakt vaak harde keelgeluiden en heeft regelmatig spasmes. Dan schudt ze hard met haar armen en haar hoofd.

Moeder mailt mij dat zij weinig last heeft van schaamte, maar dat haar andere dochter (11) zich, en ik citeer: af en toe doodschaamt voor haar zus’. ‘Zo erg dat ze regelmatig al niet meer met ons mee wil als haar zus meegaat’.

Moeder weet niet zo goed hoe ze hiermee om moet gaan. Enerzijds snapt ze wel dat haar dochter zich ervoor schaamt, anderzijds kan haar gehandicapte dochter er ook niets aan doen dat ze dat doet. Een flink dilemma voor moeder. Moet ze haar dochter erkennen in haar schaamte, of juist niet?

Broers en Zussen van kinderen met een beperking zijn veelal gewend om zich aan te passen aan de situatie zoals die is. Of ze het nou leuk vinden of niet.

Mede daarom zijn ze al snel geneigd om hun eigen (moeilijke) gevoelens bij zich te houden en maar ‘gewoon in de pas mee te lopen’.

Vaak zien (vinden) ze dat papa en mama het al moeilijk genoeg met hun broer of zus hebben en besluiten ze zichzelf op een zijspoor te zetten en maar niets van alles wat ze moeilijk vinden, wat hun broer of zus aangaat, met vader of moeder te delen. Ze ontzien hun ouders ten koste van zichzelf.

Hoe kunnen wij ouders onze kinderen in dit ingewikkelde proces ondersteunen?

Vooral door onze kinderen zonder beperkingen ook als individu te zien. Als je ziet dat hij of zij ergens mee worstelt, ga het gesprek aan. Praat over de dingen zoals ze zijn, eerlijk en oprecht. Schroom er niet voor om zelf ook eens te vertellen dat je het weleens moeilijk vindt en erken de gevoelens van je kind.

Probeer je ook eens in je kind te verplaatsen.

Bijvoorbeeld de schaamte van de bovenstaande dochter. Stel, je staat midden in de stad ergens naar te kijken en je zus begint geluiden te roepen en om zich heen te slaan. Stel je eens voor dat jij de 11-jarige zus bent, je staat daar met je moeder en je zus, je zus gedraagt zich anders dan iedereen, waardoor iedereen naar jullie kijkt. Wat zou jij doen?

Als je ziet dat ze zich schaamt en bijvoorbeeld verderop gaat staan, laat haar. Dat is haar ding. Realiseer je dat het voor haar ook een enorme strijd is, want, hoe dan ook, ze houdt van haar zus en zou voor haar zus door het vuur gaan als het moet.

Ze schaamt zich nu alleen ontzettend voor het gedrag van haar zus. Iedereen kijkt naar hun en ze wil niet dat iemand denkt dat ze daarbij hoort. Want, wat willen de meeste tieners? Vooral normaal zijn en niet uit de toom vallen. En dat doet ze nu wel natuurlijk…

Als de mogelijkheid er is kun je gelijk met je dochter in gesprek gaan en haar erkennen in haar gevoelens. Vertel haar maar dat je het snapt en dat je het helemaal niet erg vindt dat ze verderop gaat staan. Hiermee wordt haar innerlijke strijd al een stuk minder.

Als het niet direct mogelijk is om erover te praten, doe dat dan op een later, geschikt, tijdstip. Erken haar gevoelens. Zeg nooit dat je vindt dat zij zich aanstelt, want dat doet ze, in haar beleving, niet!

Dan kun je, naast haar zo duidelijk te erkennen in haar gevoelens, uitleggen dat het nou eenmaal zo werkt dat mensen kijken naar iets dat anders is dan gemiddeld. Dat dat helemaal niets zegt over wat mensen ervan vinden, maar dat het gewoon een soort instinct is. Dat doen we namelijk allemaal. Als zus dit bij een ander hoort of ziet zou ze ook omkijken. Het zegt niets over wie dan ook.

Niet over degenen die kijken, maar ook niet over hun…

 

 

 

 

 

Broers&Zussen dag 15-04-2017

Er staat een flinke wind en het is koud.

Nadat iedereen gearriveerd is en afscheid van de ouders genomen heeft wandelen we het prachtige natuurgebied het Egboetswater in op zoek naar een picknick tafel om kennis met elkaar te maken.

Ik ben jarig, en, wie jarig is trakteert. Al smikkelend beginnen we met een voorstelronde. Iedereen heeft een foto van zijn of haar broer of zus mee en de verhalen komen gemakkelijk. Alle kinderen vertellen iets over zichzelf, wie ze zijn, hun leeftijd, waar ze vandaan komen, wat hun hobby’s zijn en laten de foto zien waarbij ze hetzelfde over hun broer of zus vertellen.

Omdat de wind best wel koud is wandelen we na het voorstellen snel verder. De kinderen willen graag dwars door de natuur in plaats van over het pad. Daarvoor moeten we eerst over een heel smal bruggetje. Best wel spannend, want ja, als je erin valt krijg je het echt koud, en hoe diep zal het water wel niet zijn…

Onderweg komen we een treintje tegen waar de paashaas op zit. De paashaas gaat kinderen ophalen om paaseieren te gaan zoeken. Eén van de meiden vraagt aan de paashaas of ze een rondje in de trein mee mogen en dat mag. Wat een feest!

De kinderen vinden snel en gemakkelijk aansluiting bij elkaar en wandelen en spelen. Bij een volgende tafel, aan de rand van het bos, gaan we zitten. Alle kids krijgen een notitieboekje waarin ze iets kunnen schrijven als ze dat willen.

Ik vraag hun hoe hun leven anders is dan kinderen die geen broer of zus met een beperking hebben. Geweldig hoe direct alle leuke dingen opgenoemd worden, waarvan ze zich allemaal zeer bewust zijn dat ze die niet zouden hebben met een ‘gewone’ broer of zus.

Twee waren er naar dolfijntherapie in Curaçao geweest. (Bleek dat ze allebei met dezelfde dolfijn gezwommen hebben) Eén van de gezinnen heeft een eigen vakantiehuis omdat broer een speciaal bed nodig heeft, iemand was met een opkikkerdag mee geweest, kortom, de positieve dingen vlogen in het rond.

Toen kwam de vraag waar ze weleens last van hebben. Ook die antwoorden kwamen snel en gemakkelijk. “Mijn broer slaat mij altijd en als ik hem dan terugsla krijg ik altijd straf en moet naar mijn kamer van mijn ouders, dat vind ik niet eerlijk” aldus een deelnemer. “Mijn broer pest mij ook altijd. Echt iedere dag en dat vind ik niet leuk” vertelt een ander. De verhalen dat er veel en vaak naar het ziekenhuis gegaan wordt, broer en/of zus veel ziek is en het je soms ook wel schamen voor je broer of zus komen los. Mooi, die herkenning bij elkaar. Elkaar echt begrijpen en daardoor ook je eigen verhaal durven te vertellen.

Ik hoor twee jongens achter me de verhalen samen voortzetten en word er blij van. Dit is precies waarom ik deze dagen organiseer!

Wat me ook blij verrast is dat ik van de meesten hoor dat ze er goed met hun ouders over kunnen praten en hun ouders hun erkennen in hun gevoelens en snappen dat het voor hun ook niet altijd gemakkelijk is.

Tussendoor wordt er hard aan een hut gewerkt en gevoetbald.

Op de terugweg stoppen we bij een speeltuintje. We gaan op zoek naar takken om mikado mee te spelen.

Er is nog één opdracht. Wat is jouw allergrootste wens. Die wens wordt op een bootje geschreven en dat bootje gaan we te water laten. En nu maar hopen dat je wens ook uitkomt.

Als de bootjes varen moeten we opschieten. In de verte zien we de ouders die al op ons staan te wachten. Ze zullen het wel koud hebben.

Eén van de kinderen zet het op een hollen, de laatste is moe en ‘sloft’ achter ons aan.

Het is een geslaagde dag. Twee jongens hebben een ‘speelafspraakje’ met elkaar. Mijn hoofddoel van deze dag, op een speelse manier lotgenoten contact, is volledig behaald.

 

 

Sanne, 24 jaar en zus van een broer met beperkingen.

 

mayd b&z

Sanne is 24 jaar. Ze heeft een 2 jaar oudere broer die een ontwikkelingsleeftijd van een jaar of 6 heeft.

Sinds een jaar woont Sanne samen met haar vriend. Tot die tijd woonde ze thuis, met haar ouders en haar (verstandelijk) gehandicapte broer. Haar broer woont nog steeds bij haar ouders thuis.

Een vriendin van Sanne had ergens gelezen dat May-D coaching zich gespecialiseerd heeft in het coachen van ouders en broers en zussen van kinderen met een beperking. Zo kwam ze bij mij terecht.

Sanne voelt zich de laatste maanden erg moe, heeft weinig energie en ze heeft nergens zin in. Dit terwijl ze altijd een energieke en vrolijke meid was. Altijd overal voor te porren.

Al tijdens het intake gesprek vertelt Sanne dat ze veel last heeft van vroeger. Snel vertelt ze daar ook achteraan dat ze een hele fijne jeugd gehad heeft. Ze hadden een hecht gezin met z’n vieren.

Gedurende de daaropvolgende coachwandelingen vertelt ze veel over vroeger. Het was fijn thuis. Ze kwamen niets tekort. Geld was er genoeg, waardoor het hele gezin er vaak op uit trok en leuke dingen deed.

Ze had altijd wel in de gaten dat het moeilijk voor haar ouders, en dan met name voor haar moeder, was om een gehandicapte zoon op te voeden. Al vroeg pikte ze dingen op uit de gesprekken die haar moeder met haar vader of met vriendinnen had waardoor het voor haar duidelijk was dat haar moeder het moeilijk had.

Toen Sanne ouder werd deelde haar moeder al haar zorgen om haar broer met haar en werden ze dikke vriendinnen. Moeder en dochter. Zelfs de problemen die moeder met vader had werden onderwerp van gesprek. Sanne vond dat  prima en was blij dat ze haar moeder zo goed tot steun kon zijn.

Sanne heeft nooit ‘gepuberd’. Wat ze wel gedaan heeft? Ze heeft vooral altijd haar best gedaan om lief, begripvol en niet lastig voor haar ouders te zijn. Met goede cijfers heeft ze de middelbare school afgemaakt en daarna is ze begonnen aan haar studie. Twee jaar heeft ze haar studie gevolgd waarna ze erachter kwam dat de studie die ze volgde helemaal niet leuk vond en er ook niets mee wilde.

Eigenlijk, zo weet ze nu, is ze deze studie richting vooral gaan volgen omdat ze dacht haar ouders daar een plezier mee te doen. “Zodat ze trots op me zouden zijn. Mijn broer kan op dit vlak al helemaal niet voor ze betekenen” zo zegt ze.

Sinds Sanne op zichzelf woont en vanaf een afstand naar haar jeugd en de situatie thuis kan kijken realiseert ze zich dat ze eigenlijk altijd voor anderen geleefd heeft. Ook voor haar broer, waar ze altijd veel dingen mee deed.

Zelfs als zij met vrienden ergens heen ging dan nam ze haar broer weleens mee. “Wat vond ik het geweldig om te zien hoe fijn mijn ouders dat vonden”, zegt ze. Nu realiseert ze zich dat ze dat vooral voor haar ouders en haar broer deed, maar niet voor zichzelf. “Want” zegt ze “eigenlijk heeft het mijzelf altijd beperkt, maar dat merk ik dus het laatste jaar pas”.

Ze komt tot de conclusie dat ze vaak en veel ‘op eieren heeft gelopen’, eigenlijk altijd wel last van spanningen had en dat haar jeugd dus niet zo rooskleurig is geweest als ze altijd dacht. Het voelt een beetje “als een grauwe deken die over mij heen hangt en waar ik zo graag vanaf wil” zegt ze.

Sanne’s broer woont nog steeds thuis. Dat baart haar zorgen, want ze weet niet wat ze moet als haar ouders straks niet meer voor haar broer kunnen zorgen of, erger nog, komen te overlijden. Ze is bang dat de volledige zorg dan op haar schouders terecht komt.

Door open en eerlijk over haar jeugd te praten, zonder zich in te hoeven houden en zonder daarover veroordeeld te worden wordt het allemaal iets minder zwaar en kan Sanne het wat beter in perspectief zien.

Ze besluit in kleine stapjes eens met haar ouders te gaan praten.

In het eerste gesprek vraagt Sanne aan haar ouders hoe zij haar jeugd ervaren hebben. Dan blijkt dat haar ouders er niets van gemerkt hebben dat het hele gezinsleven rondom haar gehandicapte broer zo’n impact op Sanne heeft gehad.

Als Sanne haar ouders, in een volgend gesprek, vertelt hoe zij het ervaren heeft schrikken ze en hebben ze er nooit erg in gehad dat het zoveel van Sanne gevraagd heeft.

Het ging gewoon zoals het ging en in alle drukte en moeilijkheden rondom Sanne’s broer dachten Sanne’s ouders dat zij zich wel zou redden. Zij kon voor zichzelf op komen en doen en laten wat zij zelf wilde, haar broer kon dat niet.

Inmiddels zijn we een paar maanden verder. Sanne heeft een maand geen contact met haar ouders en broer gehad omdat ze dat nodig had om tot zichzelf te komen.

Na die maand bleek dat ze elkaar allemaal enorm gemist hadden. Het contact is beter geworden. Ze kunnen over (bijna) alles met elkaar praten, luisteren naar elkaar en respecteren van de ander hoe die het verleden ervaren heeft.

Sanne wil voorlopig eens per maand de coachwandelingen blijven volgen. Het doet haar goed.

Wat haar ouders betreft rest er nog één onderwerp. Ze wil graag, zeer binnenkort, haar zorgen wat betreft de toekomst van haar en haar broer aankaarten. Misschien wordt het wel tijd om naar een anderen woonplek voor hem uit te kijken. Maar ja, of haar ouders dat willen?

Dat wordt misschien wel het aller moeilijkste gesprek.


 

 

Pesten

ik durf het aan

Het interview wat Luca mij een aantal weken geleden afnam voor school, over pesten, heeft bij mij zoveel losgemaakt dat ik dit blog erover schrijf. Ik hoop dat het veel gedeeld en gelezen wordt, vooral om ouders erop te attenderen dat het gebeurt.

Een deel van dat interview heb ik op 26-09-16 op Facebook geplaatst. Klik hier om op mijn fb pagina te komen en te scrollen naar 26-09-16 voor het bericht.

Ons verhaal ontstond door een werkstuk op school waar Luca iemand voor moest interviewen. Dit gesprek was dus makkelijk om op gang te brengen. Er ontstond een mooi en waardevol gesprek tussen ons.

Ook Luca is gepest met het hebben van een gehandicapte broer. Lees verder Pesten

De (soms onzichtbare) liefde van Broers&Zussen

IMG_3528 - kopie

Vanmorgen, in de supermarkt, kwam ik een kennis tegen die moeder is van twee kinderen. Eén van die kinderen is rolstoel gebonden. We raakten in gesprek over de kinderen en zij vertelde dat ze in de vakantie toch iets geweldigs had meegemaakt;

Haar jongste is rolstoel gebonden. De kinderen gingen op de camping samen naar de animatie.  De oudste de jongste voortduwend en oplettend of alles goed ging. Er was een voorstelling en ‘oudste’ was van mening dat ‘jongste’ het allemaal niet goed kon zien en er vele benen voor stonden, dus zorgde ‘oudste’ ervoor dat iedereen aan de kant ging en ‘jongste’, helemaal vooraan, ook alles goed kon zien. ‘Jongste’ genoot zichtbaar en ‘oudste’ bleef de hele tijd in de buurt.

De volgende dag werd moeder, de kennis die ik sprak, aangesproken door een mevrouw op de camping die het hele tafereel bij de animatie had gadegeslagen. Er moest haar iets van het hart.

Met een glimlach op haar gezicht en vol trots had ze gezien hoe ‘oudste’ voor de ‘jongste’ gezorgd had. Ze zag hoe ‘oudste’ zich om de ‘jongste’ bekommerde en trots en vol liefde voor de ‘jongste’ was. Zo lief. Dat moest ze even kwijt.

Vol trots en met een grote glimlach op haar gezicht vertelt moeder mij dit. We vergeten het namelijk nog al eens dat het voor Broers&Zussen ook best een opgave is. Ook wij nemen het allemaal voor lief zoals het is en vinden het ‘normaal’ zoals het bij ons gaat. Wat is het dan toch fijn dat een buitenstaander je weer eens op de prachtige feiten drukt. Dat het helemaal niet zo normaal is en we ook vooral zeer trots op de Broers&Zussen mogen (moeten) zijn. Het was van moeders gezicht af te lezen. Geweldig!

(ik heb geen namen gebruikt om de anonimiteit van deze mensen te waarborgen)

Bijna hetzelfde maakte ik afgelopen zomer op de camping mee.

Na het zwemmen zei Luca Duncan wel even mee te nemen onder de douche.

De volgende dag kwam er een mevrouw naar me toe. Er moest haar even iets van het hart. Ze vertelde me dat ze had gehoord dat de mannen samen onder de douche stonden en ze vond dat Luca zo ontzettend lief voor zijn broer was. Met tranen in haar ogen heeft ze een poosje naar ze staan luisteren en genoot van de liefde die ze voelde.

Wat was ik trots dat iemand anders dit (ook) opgemerkt had. Wat heerlijk om te horen. En, wat is het een kant in ons leven die we zo gemakkelijk niet benoemen en vergeten, maar wat zijn alle Broers&Zussen (ook) kanjers!!!


 

kwetsbaar het vervolg…. Broers&Zussen

Mijn vorige blog terug lezend en nadenkend over het je kwetsbaar opstellen kwam ik nog op het volgende, wat mij ook altijd veel pijn gedaan heeft.

Toen onze jongste zoon een jaar of 9 was, zijn gehandicapte broer is 3 jaar ouder, had hij er ineens moeite mee dat hij een broer heeft die anders is. Ineens was hij zich ervan bewust dat dit ook voor hem consequenties heeft. Lees verder kwetsbaar het vervolg…. Broers&Zussen

Broers&Zussen dag 19-12-2015

 

 

van Leven vanuit beperkingen naar Leven vanuit onbeperkte mogelijkheden

 

May-D coaching organiseert op 19 december 2015 wederom een Broers&Zussen middag voor broers en zussen (van 9 t/m 12 jaar) van kinderen met een verstandelijke beperking.

Vanuit mijn werk en opleidingen, ik coach ouders van kinderen met een (verstandelijke) beperking, en mijn eigen ervaringen als zus van een gehandicapte broer en moeder van een gehandicapte zoon, organiseer ik een Broers&Zussen middag speciaal voor de broers en zussen van deze kinderen.

De bedoeling van deze middag is dat broers en zussen van kinderen met een beperking elkaar ontmoeten. Voor iedereen is er uitgebreid tijd en ruimte om te praten over hoe het voor hen is om een broer of zus met een beperking te hebben.

Natuurlijk is er ook ruimte om te spelen en lol met elkaar te hebben.

We gaan naar buiten, waar geen muren en plafonds zijn en waar iedereen mag zijn wie hij of zij is. Iedereen mag praten over waar hij of zij zelf over WIL praten. Geen opgelegde onderwerpen, maar praten over onderwerpen die de kinderen zelf kiezen. Alle kinderen komen uitgebreid aan bod.

We praten over de moeilijkheden die ze tegen komen, maar ook over de leuke dingen van het leven met een broer/zus met een beperking en hoe je die leuke dingen meer voor kunt laten komen. Wat vind je het aller leukste aan je broer/zus.

De middag is van 13.00 uur tot 16.00 uur en de kosten zijn €15,- per kind.

Het zal een middag zijn waar alle serieuze vragen gesteld en moeilijke verhalen verteld mogen worden, maar ook een middag die vol staat van plezier en lol.

Als je twijfelt of het iets is voor jouw kind, klik dan eens hier voor het verslag van de laatste B&Z dag en laat je overhalen.

Voor meer info kijk op www.maydcoaching.nl

U kunt uw kind opgeven via deze link of via het contactformulier op de website.

Wees wel snel want vol=vol. (max. 8 kinderen)

IMG_2675

P.S. Ik heb de vraag gekregen of ik ook een B&Z middag voor tieners wil geven. Natuurlijk wil ik dat! Heeft u een tiener die graag aan een B&Z middag mee wil doen met leeftijdsgenoten, stuur me dan een mail. Bij voldoende belangstelling prik ik een datum.


 

Zus

zus

Ik sprak laatst een mevrouw, 44 jaar die een (zwaar) verstandelijk gehandicapte zus van 38 jaar oud heeft. Deze zus woont nog thuis bij haar ouders die inmiddels de 70 gepasseerd zijn.

Mevrouw, laat ik haar hier A noemen want ze wil graag anoniem blijven, houdt ontzettend veel van haar zus. Ze hebben regelmatig telefonisch contact en gaan eens per maand een dagje samen ergens naartoe.

Nooit werd er thuis over gesproken of gevraagd hoe het voor A was om een gehandicapte zus te hebben. Het was gewoon zoals het was en ze heeft een gelukkige jeugd gehad.

Terwijl ze over vroeger praat merkt ze hoe ze dat eigenlijk wel gemist heeft tijdens haar opvoeding. Dolgraag had ze eens over hoe het is om een gehandicapte zus te hebben willen praten, want als ze er nu op terug kijkt was het helemaal niet zo gemakkelijk.

Lotgenoten contact, ja, dat is wat ze gemist heeft. Nu nog! Wat zou ze graag met lotgenoten praten over hoe het was en is om met een gehandicapte broer of zus op te groeien.

A heeft ook grote zorgen over de toekomst en weet dat er nog ‘heel veel aan zit te komen’ zoals ze zelf zegt. Ze heeft verder geen broers of zussen en haar ouders hebben niet het eeuwige leven. Wat betekent dat als haar ouders komen te overlijden of de zorg voor hun kind niet meer aankunnen alles op A haar schouders terecht zal komen.

Als een zware, loden last ligt dit op A’s schouders en ze ziet hier als een berg tegenop.

We maken een (wandel) coach afspraak en gaan op zoek naar een oplossing om die last wat minder zwaar voor haar te maken.